donderdag 4 juni 2009

Slechts een lach.

Ze zag er niet uit, maar in.

Ik zie haar,
Bovenop de boekenplank,
Zie ik haar zitten.

Ze ruikt naar look en zonneschijn.

Ik ruik haar,
Middenin de winterzon,
Ruik ik haar.

Ze klinkt als een veilig thuis.

Ik hoor haar,
Ergens diep vanbinnen,
Hoor ik haar.

Ze ziet me als een ridder,
Maar hoopt een harlekijn.

Ik red haar,
Red haar van de leegte,
Red ik haar, lach ik haar.

Zou ze me proeven?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten